Over de protestantse muren kijken (2)

Onlangs had ik het over een open houding hebben tegenover andere protestantse tradities. Een voorbeeld dat we in de klas bespraken, is dat van James K.A. Smith. In zijn boek The Devil Reads Derrida – een verzameling van allemaal korte essays, waarvan er heel wat op het internet te vinden zijn – staat een stukje dat “Teaching a Calvinist to Dance” heet.

Smith geeft les in Calvin College en is dus “Reformed” of calvinist (in Nederland zijn er heel wat meer nuances tussen gereformeerd en reformatorisch). In dit korte essay probeert hij te laten zien hoe de charismatische beweging het calvinisme kan verdiepen en nieuw leven in blazen. Het artikel is HIER te lezen.

Hij heeft het onder andere over het feit dat calvinisten geloven in de goedheid van de schepping. Dit betekent volgens Smith dat het dus niet enkel draait om de geest van mensen, maar om de hele mens. Het gevolg daarvan is dat we bij het aanbidden van God niet enkel onze geest zouden moeten gebruiken (Smith spreekt heel beeldend over “brains-on-a-stick”), maar ons hele lichaam.

Een klasgenoot merkte terecht op dat het Smith te eenzijdig focust op de goedheid van de schepping en dat dus moeilijk calvinistische theologie te noemen is. Een terechte opmerking. Smith doet dit mijns inziens enerzijds om wat te provoceren en zijn collega’s en studenten aan het denken te zetten (bijna alle essays in The Devil Reads Derrida hebben provocerende titels en inhoud), maar anderzijds kan dit argument ook uitgebreid worden naar een standpunt dat vertrekt vanuit de zondeval.

Zelfs al erken je dat de mensen volledig verdorven is door de zonde – wat ik ook erken – dan nog is dat geen reden om onze aanbidding als hersenen-op-een-stokje te maken. Dat zou namelijk lijken te impliceren dat enkel ons lichaam verdorven is en niet onze geest. Ook wat dit betreft kunnen we leren van de charismatische stroming. Aanbidding houdt in dat we als volledige mens voor God komen: in onze tekortkomingen, maar wel volledig en dus ook lichamelijk.

Een paar jaar geleden heb ik over de non-verbale taal van gebed een artikel gepubliceerd in Bode. Dat kun je HIER nalezen. Ook in mijn hoofdstuk “Over het lijf geschreven” in Je bent jong en je wilt God ga ik dieper in op het belang van lichamelijkheid in ons christenzijn. Beide stukken heb ik meer dan drie jaar geschreven en het laat zien dat lichamelijkheid in de christelijke traditie een onderwerp is dat me al lang bezighoudt. Ik ben blij dat mensen als Smith dit op een nog veel betere en diepgaandere manier dan ikzelf kunnen verwoorden. Ik hoop dat jullie ervan kunnen genieten.

Leave a Reply

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.