Shared bodily warmth

Als grote Bond-fanaat is het gesprek tussen James Bond en Majoor Anya Amasova in The Spy Who Loved Me, de 10de Bondfilm, op de boot op de Nijl me natuurlijk niet vreemd. James en Anya hebben het over de trainingstechnieken die Anya in de Siberische trainingskampen leerde. Lees met mij het gesprek mee:

Major Anya Amasova: That it’s very important to have a positive mental attitude.
James Bond: Nothing more practical than that?
Major Anya Amasova: Food is also very important.
James Bond: Mm-hmm. What else?
Major Anya Amasova: When necessary, shared bodily warmth.
James Bond: That’s the part I like.

Nu bestaat uiteraard de neiging om de mooie uitdrukking ‘shared bodily warmth’ toe te schrijven aan het geniale brein van Ian Fleming, de bedenker van Bond. Dat zou echter een grote fout zijn. Ten eerste is het plot van de film The Spy Who Loved Me volledig anders dan dat van het gelijknamige boek. In het boek komt niet eens een Russische spionne voor, maar is de spion waarvan sprake Bond zelf en wordt het eerste deel van het boek niet vanuit het perspectief van 007 verteld, maar vanuit het perspectief van een vrouw die Bond later als the spy who loved her leert kennen.

Men zou dan kunnen zeggen dat de geniale opmerking van de hand van Christopher Wood en Richard Maibaum, die de screenplay voor The Spy Who Loved Me verzorgden is, maar zelfs dat klopt niet. Volgens mij kende ofwel Wood, ofwel Maibaum, ofwel beiden het Bijbelboek Prediker goed:

Wanneer twee vrienden samen zijn en een van beiden valt, helpt de ander hem weer overeind, maar wie alleen is en ten val komt is beklagenswaardig, want hij heeft niemand die hem op de been helpt. Wanneer je bij elkaar slaapt, geef je warmte aan elkaar, maar hoe krijgt iemand die alleen slaapt het ooit warm? En iemand die alleen is kan zich niet verdedigen wanneer hij aangevallen wordt, maar met zijn tweeën houd je stand. Een koord dat uit drie strengen is gevlochten, is niet snel stuk te trekken (Pr4:10-12).

Natuurlijk is de context en de onderliggende laag hier niet seksueel bedoeld, maar – zo dachten Wood en Maibaum waarschijnlijk – de illustratie in vers 12 over het koord met drie strengen wordt heden ten dage uitgemolken op huwelijksdiensten, waarbij er uiteraard wel een seksuele connotatie te verwachten is, dus waarom zouden wij vers 11 ook niet zo mogen gebruiken? Inderdaad, groot gelijk. Ik genoot er alleszins van.

Leave a Reply

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.